Logo for 150 years of NIOZ

150 jaar NIOZ - Fototentoonstelling

De zee begrijpen om onze toekomst veilig te stellen

In 2026 bestaat het Koninklijk Nederlands Instituut voor Zeeonderzoek (NIOZ) 150 jaar. Sinds 1876 onderzoeken we de complexe en dynamische wereld van de zee en alles wat daarin leeft, van delta tot diepzee en van de polen tot de tropen. Met ons onderzoek vergroten we de kennis over onze unieke blauwe planeet. Alleen door de zee te begrijpen, kunnen we haar beschermen en gezond houden – en daarmee onze eigen toekomst veiligstellen. 

Deze fototentoonstelling neemt je in vogelvlucht mee door verleden en heden van ons instituut.

De stuwende kracht achter het zeeonderzoek van Nederland

Op 8 juli 1876 wordt het verplaatsbare veldwerkstation van de Nederlandse Dierkundige Vereniging, niet meer dan een houten keet, neergezet aan de zeedijk van Den Helder. Dit moment markeert de start van een instituut voor zeeonderzoek in Nederland, direct aan de kust. 
Nu, 150 jaar later is het NIOZ uitgegroeid tot een volwaardig instituut met ongeveer 350 medewerkers, verdeeld over twee vestigingen aan de Wadden- en Noordzee (Texel) en de Zuidwestelijke Delta (Yerseke) en een moderne onderzoeksvloot. Het NIOZ is het oceanografisch instituut van Nederland en het nationale kenniscentrum op het gebied van de zee.  We ondersteunen mariene wetenschap uit heel Nederland.

Foto 1: Verplaatsbaar veldwerkstation (omstreeks 1880)
Foto 2: RV Adriaen Coenen (2022) vervoert de wadtoren

Zonder schepen geen zeeonderzoek

Zeeonderzoek begon vaak op gehuurde vissers- of marineschepen. In 1933 kwam het eerste echte eigen onderzoekschip, een motorkotter van ~15 meter met een laboratorium aan boord. Het scheepje werd vernoemd naar zoöloog Max Weber en gedoopt door zijn echtgenote en collega-wetenschapper, de algendeskundige Anna Weber-van Bosse. Een kleine eeuw later, is het bijna 80 meter lange oceaangaande vlaggenschip van de Nederlandse onderzoeksvloot naar haar vernoemd. Met drie moderne schepen is het NIOZ klaar voor de huidige en volgende generaties zeeonderzoekers op zoek naar kennis over zeeën, klimaat en biodiversiteit en antwoorden op nieuwe vragen.

Foto 1: Radersleepboot Wodan gehuurd voor Noordzeeonderzoek (jaren 1910)
Foto 2: RV Anna Weber-van Bosse (testvaart 2026)
 

Elk schip is toegerust op een specifiek werkgebied

Verschillende zeegebieden vragen om verschillende typen onderzoeksschepen. Het NIOZ beschikt daarom over een vloot van drie moderne schepen, elk ontworpen voor een eigen werkgebied en uitgerust met instrumenten en faciliteiten die passen bij het onderzoek:

Foto 1: RV Max Weber voor Waddenonderzoek (vanaf 1933)
Foto 2: RV Wim Wolff voor Waddenonderzoek (vanaf 2024)

 

Zeeonderzoek van klimaat tot biodiversiteit

De voorloper van het NIOZ, het Zoölogisch Station van de Dierkundige Vereniging richtte zich vooral op de diersoorten in de zee en kustgebieden. In de loop van de tijd zijn er binnen het NIOZ vele onderzoeksgebieden bijgekomen. In 1957 werd besloten om het onderzoek voortaan te richten op de vier pijlers van de oceanografie: biologie, chemie, fysica en geologie. Vandaag de dag zien we ook biogeochemie, mariene microbiologie, paleoklimatologie… We kijken bijvoorbeeld terug in de tijd in de zeebodem, naar het klimaatverleden en zelfs naar de evolutie van microben, de ‘tree of life’ waar uiteindelijk ook de menselijke cel uit is ontstaan. In 2026, omspant het NIOZ Zeeonderzoek van klimaat tot biodiversiteit.

Foto 1: Laboratorium Zoölogisch Station (1890)
Foto 2: Laboratorium voor mariene microbiologie (2020)

Van tellen naar voorspellen

Waar het onderzoek ooit begon met het tellen en beschrijven van soorten, zijn NIOZ-onderzoekers nu meer gericht op het begrijpen van complexe (eco)systemen. We onderzoeken bijvoorbeeld hoe soorten samenwerken aan stabiele delta’s en veilige kusten. We meten in zee om stromingen en de cyclus van warmte, elementen en broeikasgassen in kaart te brengen. En met enorme rekenkracht vertalen we de grote datasets naar modellen die voorspellen hoe de zee zich gedraagt in de toekomst. Want wie de systemen en de samenhang begrijpt, kan beter vooruitkijken.

Foto 1: Docentencursus (1933)
Foto 2: Veldgootexperiment Zweden (2018) [foto: Eduardo Infantes Oanes
 

Sinds 1876 gedreven door nieuwsgierigheid

Vanaf het begin werden de onderzoekers gedreven door nieuwsgierigheid naar wat er rond en onder het wateroppervlak leeft en beweegt. Na 150 jaar is daar nog niets aan veranderd. Hoe werkt een oceaanstroming? Wat gebeurt er wanneer het water warmer wordt of meer CO2 opneemt? Hoe beschermt begroeiing een kuststrook, en welk type begroeiing dan? Welke soorten komen voor in het sediment, nu en in het diepe verleden? De drang om te begrijpen is wat onze onderzoekers drijft om hun werk overal ter wereld en soms in extreme omstandigheden uit te voeren.

Foto 1: Cursus van de Nederlandse Dierkundige Vereniging (1933)
Foto 2: Veldwerk voor trekvogelonderzoek in Alaska (2023)
 

Langlopend onderzoek: de kracht van de herhaling

In 150 jaar verandert er veel, maar sommige dingen blijven juist hetzelfde. Een bodemmonster van het wad nemen we nog altijd met een steekbuis. En door jaren- en soms decennia op dezelfde wijze te werken, kun je extreem lange series meetgegevens verzamelen

Al sinds 1861 wordt dagelijks de temperatuur van het zeewater in het Marsdiep gemeten, en sinds 1959 meet het NIOZ al met een visfuik in het Marsdiep bij Texel hoeveel en welke soorten er voorkomen. Pas dan ga je hele trage veranderingen in systemen zien: zuidelijker vissoorten zoals de goudbrasem (dorade) die nu in de Noordzee voorkomen. Ook snellere veranderingen zijn goed te zien: de temperatuur van het Waddenzeewater is sinds 1980 al meer dan 2,0 graad gestegen.

Foto 1: Fuik in Marsdiep (vanaf 1959)
Foto 2: Fuik in Marsdiep (omstreeks 2004)

Complexe meetinstrumenten op maat

Zeeonderzoek vraagt regelmatig om technische hoogstandjes. Denk aan meetapparatuur die de druk van de diepzee aankan. Of autonome gliders die maandenlang zelfstandig door de oceaan kruisen en data verzamelen. In onze labs analyseren we monsters met ongekende precisie. Bijzonder aan het NIOZ is dat we veel apparatuur in huis ontwikkelen. Wetenschappers en technici werken nauw samen om complexe meetinstrumenten te maken die precies doen wat nodig is.

Foto 1: Lichtmeting zeewater (jaren 1930)
Bijschrift 2 (onder): Watermonsters nemen met CTD (2022)