NIOZ-directeur Han Dolman's boek 'Carbon dioxide through the ages: from wild spirit to climate culprit'

Alles wat je altijd al wilde weten over koolstofdioxide. In dit boek reconstrueert Han Dolman nauwgezet de geschiedenis van het belangrijkste broeikasgas: van de ontdekking in 1600 tot de problemen waar de wereldwijde gemeenschap nu mee te maken heeft door deze ‘wilde geest’.
Alles wat je altijd al wilde weten over CO2
Toen de Vlaamse arts Jean Baptista van Helmont in 1600 een keurig afgepaste hoeveelheid steenkool verbrandde, hield hij maar een heel klein beetje as over. De rest vloog de lucht in als, zoals hij dat noemde, een spiritus silvestris, een ‘wilde geest’. Hoewel hij in die dagen nog niet in staat was om al dat gas op te vangen en precies te analyseren, wordt van Helmont wel gezien als de eerste die koolstofdioxide identificeerde.
Deze geschiedenis markeert het begin van het nieuwe, Engelstalige boek van NIOZ-directeur Han Dolman, Carbon dioxide through the ages, From wild spirit to climate culprit (Oxford University Press). Daarin volgt Dolman nauwgezet de geschiedenis van het belangrijkste broeikasgas, van de ontdekking in 1600, tot de problemen die de wereldgemeenschap nu met deze ‘wilde geest’ heeft.
Historische broeikas
Niet alleen de ontdekking van koolstofdioxide gaat al ver terug. Ook de notie dat dit gas zonnewarmte kan vasthouden en daarmee de aarde aangenaam warm en leefbaar houdt, dateert al uit de negentiende eeuw. In 1856 was de Amerikaanse wetenschapper en vrouwenrechtenactivist Eunice Foote de eerste die zag hoe CO2 in haar laboratorium zonnewarmte uit infrarode straling vasthield. De Zweed Svante Arrhenius legde in 1896 ook de link tussen het regelmatig optreden van ijstijden in de geschiedenis en het gehalte van CO2 in de atmosfeer. Het ‘broeikaseffect’ moet daarmee dus al meer dan een eeuw als bekend worden verondersteld. Niet veel later werd ook de link tussen het verbranden van fossiele brandstoffen en het ophopen van CO2 in de atmosfeer ontdekt, zo schrijft Dolman in zijn boek.
Laat gevoel van urgentie
Toch duurde het nog een kleine eeuw voordat daar ook enig gevoel van urgentie bij kwam. Dolman markeert de VN-klimaatconferentie in Parijs, in 2015 als een kantelpunt. Pas vanaf dat moment zagen voldoende beleidsmakers de urgentie om iets te doen aan de veel te grote uitstoot van koostofdioxide, die als een te warme deken om ons heen komt te liggen.
Dat gevoel van urgentie heeft zich nog nauwelijks vertaald in daadwerkelijk handelen. De harde koppeling van het CO2-gehalte in de atmosfeer en de gemiddelde temperatuur op aarde laat nog een uitstoot toe van ongeveer honderd gigaton CO2, willen we de stijging van de temperatuur tot anderhalve graad beperken. In het tempo waarin we nu nog doorstoken, is dat punt binnen tien jaar bereikt.
CO2-kringlopen
Dolman beschrijft in zijn boek niet alleen de geschiedenis van CO2 en de broeikaswetenschap, maar ook de koolstofkringlopen in de ‘dode’ en de levende natuur; van de uitstoot van het broeikasgas uit vulkanen tot het verweren van rotsen, waarbij CO2 weer wordt opgenomen, en de opslag van het broeikasgas in bomen en andere biomassa. Ook de hoofdrol van de oceanen in het opnemen van koolstofdioxide komt uitgebreid aan bod. Daarmee biedt het boek ook de ingrediënten voor de broodnodige actie. Het beperken van het versterkte broeikaseffect kan niet meer zonder het actief verwijderen van CO2 uit de atmosfeer. Dolman voorziet daar een belangrijke rol voor de oceaanwetenschap.
Opens in a new tab

