Royal Netherlands Institute for Sea Research
Royal Netherlands
Institute for Sea Research

NIEUW WATERSYSTEEM VOOR EEN GROEIENDE AFRIKAANSE BEVOLKING

Kees van Leeuwen, lid van het kernteam van de Blauwe Route, blikt terug op de uitkomsten van de workshop Zoetwatervoorziening. “Om de groeiende wereldbevolking van schoon water te kunnen blijven voorzien, willen we hybride en nature-based watersystemen ontwikkelen voor het Afrikaanse continent. Die zijn te gebruiken als greenfield voor de Nederlandse situatie.”

Meer schoon water nodig

Met de groei van de wereldbevolking en de verandering in onze consumptiepatronen zal veel meer schoon water nodig zijn. Kees van Leeuwen: “De komende decennia komen er heel veel mensen bij op aarde. De impact daarvan op de kwaliteit en de voorraden van zoetwater is enorm, vooral in Afrika. Een verdubbeling van de bevolking in 2050 en een verviervoudiging in 2100 maakt het inwonertal van Afrika bijna net zo groot als dat van Azië. Van elke drie wereldburgers in 2100 woont er één in Azië, één in Afrika en één in de rest van de wereld. Ook in Nederland gaat de urbanisatie verder. Dat merken we nu al aan onder meer de discussie over de woningbehoefte. Al die wereldbewoners moeten worden voorzien van schoon drinkwater, maar nog veel groter is de druk van voedselproductie op de kwaliteit en kwantiteit van water.”

SDG 6 Schoon water voor iedereen: de uitdaging in cijfers

Circulair denken in de waterketen

Om zoveel schoon water te kunnen garanderen, is een heel andere waterinfrastructuur nodig. En daar wil de onderzoekslijn Zoetwatervoorziening aan werken. Van Leeuwen: “Wij stellen voor om ons te richten op Afrika, want daar verwachten we de komende decennia de grootste uitdagingen. Bovendien kunnen we het in Afrika goed aanpakken, immers de meeste stedelijke infrastructuur zal gebouwd gaan worden in Afrika. Het onderzoek dat wij voor ogen hebben, moet bijvoorbeeld helpen voorkomen dat in Afrika bodemdaling en watergebrek als gevolg van grondwater-uitputting een onomkeerbaar probleem wordt, zoals dat in grote delen van Azië helaas al is gebeurd.”

Zoetwatervoorziening wil gaan inzetten op de ontwikkeling van hybride watersystemen. “In hybride watersystemen zijn kleine decentrale voorzieningen gekoppeld aan grootschalige, centrale systemen. Daarvoor willen we ook nature-based solutions gaan gebruiken. Ofwel niet een hele stad verharden, maar zorgen dat hemelwater weg kan infiltreren in de bodem en we afvalwater kunnen opzuiveren en hergebruiken. Dat hergebruik geldt ook voor de nutriënten en energie in ons afvalwater”, licht Van Leeuwen toe. “Kortom, we moeten circulair gaan denken in de waterketen.”

Samenwerken met sociale wetenschappen

Het onderzoek zal zich niet alleen richten op technische aspecten van de samenleving, maar ook aanknopingspunten bieden voor samenwerking met sociale wetenschappers. Van Leeuwen: “We gaan kijken of menselijke gedragsverandering ten opzichte van waterkwaliteit en kwantiteit een bijdrage kan leveren. Bij onze voorstellen komen ook andere vormen van bestuur kijken. En daarvoor is op zijn beurt uitdagend transitiemanagement noodzakelijk, want ook bestuurders hebben veelal nog onvoldoende kennis op dit gebied. Voor dat alles moeten dus mensen worden opgeleid.” Van Leeuwen is stellig in zijn overtuiging dat het zoetwateronderzoek van de Blauwe Route maatschappelijk noodzakelijk is en dus gefinancierd moet worden. “Het is onderzoek dat Nederland op wetenschappelijk en technisch gebied voorop doet lopen. Het sluit bovendien aan bij de samenwerking die Europa wil aangaan met Afrika, zoals zeer recentelijk door de Europese Commissie is gecommuniceerd. NWO kan ons daarvoor kapstokken bieden. Daarbij zullen we ook kennis moeten gebruiken uit andere projecten en samenwerkingsverbanden. De greenfield projecten die we willen ontwikkelen in Afrika zijn bovendien uitstekend te gebruiken in ons eigen land.”

Uitkomsten workshop concreet maken

Allereerst zal de groep rond Zoetwatervoorziening de uitkomsten van de workshop uitwerken. “We kunnen nu de discussie op een gestructureerde manier voeren op basis van de contouren voor onderzoekclusters die we tijdens de workshop hebben geschetst”, zegt Van Leeuwen. “De uitkomst van de workshop zullen we op een iteratieve manier uitwerken zodat er een breed gedragen voorstel komt. Dat zal uiteindelijk moeten leiden tot een of meerdere belangrijke projecten waarmee Nederland impact kan sorteren.”