30-12-2011 Met ingang van 1 januari 2012 is het Centrum voor Estuariene en Mariene Ecologie (CEME) in Yerseke, tot dan onderdeel van het Nederlands Instituut voor Ecologie (NIOO-KNAW), onderdeel van het Koninklijk Nederlands Instituut voor Zeeonderzoek (NIOZ), gevestigd op Texel. Hiermee hebben de twee belangrijkste Nederlandse instellingen op het gebied van fundamenteel kust- en zeeonderzoek hun krachten gebundeld en daarmee de strategische positie van Nederland op dit terrein versterkt.
De aard van het onderzoek van beide vestigingen van het NIOZ verandert voorlopig niet. De nieuwe NIOZ-vestiging in Yerseke (het voormalige CEME) bestudeert het leven in de kustzee en in estuaria. Het NIOZ op Texel richt zich met haar onderzoek niet alleen op Waddenzee en Noordzee, maar ook op de oceanen en de diepzee. De vestiging in Yerseke doet voornamelijk ecologisch onderzoek; de vestiging op Texel doet daarnaast ook onderzoek op het gebied van de fysica, chemie en geologie van zee en oceaan. “Daarom vullen beide instituten elkaar goed aan, zodat er nu één instituut in Nederland is die fundamenteel marien onderzoek doet”, stelt NIOZ-directeur Henk Brinkhuis.
Het NIOZ op Texel en CEME in Yerseke werkten al jarenlang nauw samen. Deze samenwerking heeft nu dus geleid tot het volledig samengaan binnen één instituut.
Hiermee is de aanbeveling van de Adviescommissie Herschikking CEME, onder leiding van Douwe Breimer (oud Rector Magnificus van de Universiteit Leiden), volledig overgenomen. Het NIOO zet als KNAW-instituut zijn internationaal georiënteerde ecologische onderzoek op het gebied van zoetwater en land voort vanuit de vestiging in Wageningen. Het NIOZ valt onder NWO, de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek.