Home - General - Latest News - Archief - Overzicht 2010 - Maart


 
Overzicht 2010
  Juli
  Mei
  April
  Maart
  Februari
Overzicht 2009
Overzicht 2008
Overzicht 2007
Overzicht 2006
Overzicht 2005
Overzicht 2004
Overzicht 2003

Sitemap - Search 

 

Arrow-left Februari – 2010 – April Arrow    Archief Arrow    

 

Maart 2010

 

25 maart

NIOZ streeft naar meer vrouwen in de top…

 

Op woensdag 24 maart hebben NIOZ directeur Carlo Heip en Boy Kuyper de Charter 'Talent naar de Top' ondertekend. Hiermee commiteert het NIOZ zich als onderdeel van de NWO-koepelorganisatie om zich in de komende jaren in te spannen om meer vrouwen door te laten stromen naar de hogere regionen van de organisatie.

 

 

Dit geldt zowel voor de wetenschappelijke als de ondersteunende afdelingen. Het is zeker geen vrijblijvend commitment; binnen de grenzen van de haalbaarheid gaat het NIOZ een plan opstellen met meetbare doelstellingen voor de komende 5 jaar. Tijdens jaarlijkse evaluaties wordt gekeken of het NIOZ goed op koers ligt naar het (zelfgestelde) doel. Vrouwelijke medewerkers worden uitgenodigd om hierbij actief mee te denken en de barrieres die zij ervaren te delen met de directie en de afdeling P&O.

 

Bij de ondertekening waren diverse vrouwelijke NIOZ-onderzoeksters uit verschillende lagen (OIO, Postdoc, Tenure tracker, onderzoeker in vaste dienst) aanwezig. Na afloop leidden Ellen Hopmans en Laura Villanueva de mensen rond in het laboratorium van de afdeling BGC en het moleculair biologisch lab.

 

   

 

 

24 maart

NIOZ article on the Cover of Geophysical Research Letters…

 

An article by Hans van Haren and Louis Gostiaux on the occurrence of underwater billows in the Atlantic Ocean has been specially highlighted in the latest issue of Geophysical Research Letters and illustrations from it feature on the cover. These measurements could never have been carried out without the application of the NIOZ thermistor string developed by our technicians. A beautiful example of our multi-disciplinary way of working together.

 

A deep-ocean Kelvin-Helmholtz billow train

Ocean wave mixing in the deep ocean is important to ocean circulation, but detailed observations are rare of turbulent mixing at the ocean floor. To take a more detailed look at deep-ocean wave patterns, van Haren and Gostiaux design moored temperature sensors to observe overturning above the sloping side of the Great Meteor seamount, an underwater tablemount in the Canary basin. The authors observe a turbulent mixing pattern with puffy, billowing structures called a Kelvin-Helmholtz billow train. Kelvin-Helmholtz instabilities have been previously observed in the laboratory, in the atmosphere, and near the surface of the ocean; this is the first reported detailed observation of these structures in the deep ocean. The researchers observe patterns with as many as 10 billows forming a train. The observations show how internal ocean waves break

above the slopes of the ocean bottom, creating turbulent mixing in the deep ocean. The authors note that this kind of turbulent mixing is important in stirring up sediments and returning nutrients to the water column and could be significant for ocean circulation.

 

Hans van Haren: NIOZ Royal Netherlands Institute for Sea Research, Den Burg, Netherlands

Louis Gostiaux: Coriolis, Laboratoire des Ecoulements Geophysiques et Industriels (LEGI), CNRS, Universite de Grenoble, France.

 

Geophysical Research Letters (GRL) paper 10.1029/2009GL041890, 2010

 

 

nl-lgflag

22 maart

Kleverige vogels spoelen aan op stranden Noord-Holland, Texel en Vlieland…

 

Sinds enkele dagen spoelen op de stranden van Texel en Vlieland en de Noord-Hollandse kust dode zeevogels aan die volkomen overdekt zijn met een zeer kleverige substantie. Het betreft vooral zeekoeten, alken, noordse stormvogels en roodkeelduikers. Onderzoeker Kees Camphuysen van het NIOZ raadt passanten en hun honden aan om de kadavers vooral niet aan te raken. Bij het NIOZ zal men proberen om de identiteit van de kleefstof vast te stellen.

 

Uit sectie op enkele vogels vanochtend bleek dat enkele zeekoeten onderhuids in uitstekende conditie verkeerden, wat blijkt uit de grote hoeveelheid onderhuids vet. Het contact met de stof op het zeeoppervlak moet dus vrijwel onmiddellijk hebben geleid tot de dood van de vogels. Zodra een vogel met dit soort stoffen in aanraking komt, ruïneert dat in één klap de isolerende werking en het drijfvermogen van het verenkleed. De veren en vleugels van de vogels zaten bovendien volkomen verkleefd aan het lichaam, waardoor de vogels ook niet meer konden bewegen, laat staan vluchten.

 

  

Foto's van een dode zeekoet en twee opengesneden zeekoeten, waaruit de uitstekende inwendige conditie uit de grote hoeveelheid onderhuids vet blijkt.

 

Hoewel er geen zekerheid bestaat over de oorzaak en de identiteit van de stof nog onbekend is, moet deze zeer waarschijnlijk worden gezocht bij het spoelen van de ladingtanks van een passerende chemicaliëntanker. In Annex II van het MARPOL Verdrag van de International Maritime Organisation (IMO) worden stoffen ingedeeld in drie gevarenklassen, waarvoor verschillende lozingsregimes gelden voor het spoelen van de ladingstanks. De meest milieuonvriendelijke stoffen (giftige 'noxious substances') mogen nooit in zee worden geloosd en de ladingsresten dienen dus altijd in havens te worden afgegeven. Voor de minder gevaarlijke klassen van 'moderately hazardous' en 'non-hazardous' substances is de lozing echter onder bepaalde voorwaarden wèl toegestaan. In eerdere incidenten is echter gebleken dat ook stoffen die niet onder de gevaarlijkste categorie vallen, toch grote effecten kunnen hebben op zeevogels. Dit geldt vooral voor stoffen die niet met water mengen en lichter zijn, waardoor ze op het zeeoppervlak gaan drijven, vergelijkbaar met olie.

 

Voor meer informatie:

- Kees Camphuysen, Tel. 0222 369 488

- Dr. Jan Boon, Communicatie & PR, Tel. 0222 369 466, 06 2096 3097

 

 

nl-lgflag

8 Maart

Onderwatergolven vormen lokale 'hotspots' in de diepzee…

 

Op zee komen golven niet alleen aan het oppervlak voor. Ook in de diepere gedeeltes van de oceanen, ver onder het oppervlak worden regelmatig golven waargenomen. De interactie van dit soort onderwatergolven met zeebergen en continentale hellingen kan leiden tot de vorming van sterk gefocusseerde golfenergie, hotspots. De lokale variatie van golfenergie speelt een belangrijke, maar nog niet goed begrepen rol in de dynamica en menging van diepe oceaanbekkens. Naast hun belang voor grootschalige processen in de oceaan, spelen golfvelden ook een rol in de verticale uitwisseling van (voedings-) stoffen.

 

Onderzoeker in opleiding Jeroen Hazewinkel bestudeerde de interactie van deze interne golven met de bodemtopografie van de oceaan, zowel theoretisch als in het laboratorium. Hij verrichte het onderzoek bij het NIOZ, de Universiteit van Cambridge en het Centrum Wiskunde & Informatica (CWI) en verdedigt zijn proefschrift op 12 maart aan de Universiteit Utrecht.

 

De waterbeweging

In het proefschrift wordt focussering van onderwatergolven in een laboratoriumopstelling bestudeerd. Dit gebeurt in een nauwe, trapeziumvormige tank (zie foto) waarvan één van de wanden helt. Deze tank wordt gevuld met een vloeistof waarvan het zoutgehalte (en daarmee dichtheid) geleidelijk met de diepte toeneemt. Deze dichtheidstoename imiteert de gelaagdheid in de oceaan, waar het water naar beneden toe steeds zwaarder wordt door afkoeling of een hoger zoutgehalte.

 

Foto van de experimentele tank met schuine wand

 

Door te schudden kunnen onderwatergolfpatronen ontstaan. Dit ‘schudden’ staat voor getijbeweging en de schuine wand dient als model voor de continentale helling of een onderzeese bergrug waarvan de helling werkt als een lens op aanwezige zwakke golfbewegingen van de gehele vloeistof. Voor de lenswerking maakt het niet uit of de zijwand voor- of achterover helt, als deze maar helt. De getoonde helling is gekozen om de invloed van het vrije wateroppervlak te minimaliseren. Het blijkt dat als gevolg van de aanwezigheid van hellende wanden op heel specifieke plaatsen in de tank zeer sterke golven ontstaan, die kunstige patronen vormen (zie figuur).

De uitwijkingen van deze golven blijven groeien totdat een bepaald maximum wordt bereikt, samenhangend met het moment dat de golven lokaal onder water mengen ('breken'). Ook wanneer, zoals in de echte oceaan of in fjorden, de gelaagdheid zich vooral in de buurt van het zeeoppervlak bevindt of wanneer er ruwe wanden worden gebruikt, blijft de sterke focussering bestaan. Wel verandert dan het golfpatroon (zie figuur).

Relatie tussen interne golven en transport van deeltjes

In de oceaan vindt het grootste deel van de primaire productie plaats in de bovenste 200 meter door middel van fotosynthese (kooldioxide vastlegging in cellen met zonlicht als energiebron). Plankton dient als voedsel voor hogere organismen en kan de diepzee op verschillende manieren bereiken, bijvoorbeeld door simpelweg uitzinken. We verwachten dat de aanwezigheid van focusserende interne golven een soort snelweg tussen zeeoppervlak en diepzee zou kunnen creëren. Deze golven zouden namelijk kunnen leiden tot een snelle en geconcentreerde voedselaanvoer naar biologisch rijke zones op onderzeese schuine delen van de zeebodem zoals de continentale hellingen en de toppen van onderzeese bergen die begroeid blijken met koudwater koraalriffen. Om deze reden bestudeerde Hazewinkel ook het gedrag van deeltjes in interne golven. Hazewinkel: " De deeltjes worden door de golven horizontaal naar het midden van de golfbundel getransporteerd; een extra focusseringsstap dus. In het centrum van de golfbundel worden de deeltjes dan naar beneden getransporteerd".

 

Dit promotie onderzoek maakt deel uit van het onderzoeksprogramma 'Dynamics of Patterns’ en werd extern gefinancierd door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) en de stichting voor Fundamenteel Onderzoek der Materie (FOM). Jeroen Hazewinkel zet zijn wetenschappelijke werk aan interne golven voort als post-doc bij het Scripps Institution of Oceanography, de Californische variant van het NIOZ op Texel.

 

 

Bibliografie proefschrift: Hazewinkel, J. Attractors in stratified fluids. PhD thesis Universiteit Utrecht, 107 pp. No. ISBN: 978-90-9025020-5.

 

De verdediging van het proefschrift heeft plaatsgevonden op 12 maart in het Academiegebouw van de Universiteit Utrecht aan het Domplein 29.

 

Voor meer informatie:

- Jeroen Hazewinkel, jhazewinkel@ucsd.edu  , Tel: 1 858-534-2416

- Prof. Dr. Leo Maas (promotor), Tel. 0222 369 419

- Prof. Dr. Arjen Doelman (promotor), Tel. 071 5277123

- Dr. Jan Boon, Communicatie & PR, Tel. 0222 369 466, 06 2096 3097

 

 

nl-lgflag

8 March

Internal Waves form local hot spots in the deep sea

 

At sea, waves do not only occur on the surface. They can often be found in the deep sea, far below the surface, as well. The interaction of these internal waves with underwater ridges and continental slopes may cause hot spots of highly focussed wave energy. Local variations in wave energy play an important, but poorly understood, role in the dynamics and mixing of the water of deep ocean basins. These wave fields are not only a significant factor in large-scale ocean processes, but they also play an important part in the vertical transport of nutrients and particles.

 

Jeroen Hazewinkel has studied the interaction of these internal waves with the ocean floor topography both theoretically and experimentally in a laboratory. As a PhD student, he conducted his research project at the NIOZ Royal Netherlands Institute for Sea Research, the University of Cambridge, UK, and the Dutch National Research Institute for Mathematics and Computer Science, CWI. He will defend his thesis at the University of Utrecht on 12 March 2010.

 

Water Movement

The thesis discusses the focussing of internal waves in laboratory experiments. Experiments were conducted in a trapezoidal tank with one sloping boundary. This tank was filled with layers of fluid: the lower the layer, the higher the salinity and, thus, the density. This stratification is similar to the stratification of ocean water, the density of which increases with lower temperatures or higher salinity.

 

Photo of the experimental tank

 

Oscillation of the tank may cause a pattern of internal waves. Oscillation represents the tidal movements in the ocean. The sloping boundary serves as a model for the continental slope or underwater sea mounds, and it has a focussing effect - similar to that of a lens - on the weak internal waves that are present throughout the fluid. The focussing effect occurs regardless of whether the boundary slopes forward or backward. The slope in the illustration has been selected for minimisation of the influence of the free water surface on the process.

The experiments show that the effect of the sloping boundaries is that they cause strong wave movements forming ingenious patterns in very specific spots (see figure). The amplitudes of these waves continue to increase up to a certain maximum which is related to the point at which the underwater waves locally mix ('break'). An inhomogeneous stratification such as in real oceans or fjords, or rough boundaries still produces this strong focussing effect. The resulting wave patterns, however, do change in these circumstances (see figure).

Relationship between Internal Waves and Particle Transport

In the ocean, most of the primary production comes from photosynthesis (fixing carbon dioxide in cells using energy from sunlight) in the upper level down to a depth of 200 m. Higher organisms feed on plankton, which may reach the deep sea in several ways, including simply by sinking. It is expected that the focussing internal waves may serve as a kind of highway between the surface and the deep sea. These waves might serve as quick and concentrated means of transport for nutrients to biologically rich sloping areas on the sea floor such as bands on continental slopes and the top of underwater sea mounds that turn out to be covered with cold-water coral reefs. For this reason, Hazewinkel also studied the behaviour of particles in internal waves. Hazewinkel explains: 'the wave beams concentrate the particles in their centre horizontally; so that's an additional focussing step. In the centre of the wave, the particles are transported down'.

 

This PhD research project is part of the 'Dynamics of Patterns' research programme. It was funded by the Netherlands Organisation for Scientific Research, NWO, and the Dutch Foundation for Fundamental Research on Matter, FOM. Jeroen Hazewinkel is continuing his research on internal waves as a postdoc at the Scripps Institution of Oceanography, California, US.

 

 

For more information:

- Jeroen Hazewinkel, jhazewinkel@ucsd.edu  , Tel: 1 858-534-2416

- Prof. Dr. Leo Maas (promotor), Tel. 0222 369 419

- Prof. Dr. Arjen Doelman (promotor), Tel. 071 5277123

- Dr. Jan Boon, Communication & PR, Tel. 0222 369 466, 06 2096 3097