Home - General - Latest News - Archief - Overzicht 2010 - Februari


 
Overzicht 2010
  Juli
  Mei
  April
  Maart
  Februari
Overzicht 2009
Overzicht 2008
Overzicht 2007
Overzicht 2006
Overzicht 2005
Overzicht 2004
Overzicht 2003

Sitemap - Search 

 

Arrow-left December – 2009/2010 – Maart Arrow    Archief Arrow    

 

Februari 2010

 

nl-lgflag

18 Februari

Diepzeevis eet ook vegetarisch…

 

In kilo's visbestand zijn het de meest voorkomende diepzeevissen maar we zien ze hier hoogst zelden: rattestaartvissen. Dat komt omdat het bewoners zijn van de altijd donkere diepe oceaan. Rattestaartvissen gelden als roofvissen en kadavereters, maar onderzoekers van het NIOZ ontdekten met gefilmde voedingsexperimenten op de zeebodem, dat ook spinazie als vegetarisch maal ze heel goed smaakt. Rattestaartvissen blijken dus echte alleseters en krijgen daarmee een andere plaats in het voedselweb van de diepe oceaan. Deze verrassende resultaten zijn zojuist gepubliceerd als 'Note' in het tijdschrift 'Journal of Deep Sea Research'.

 

Rattestaartvissen leven meestal vlak bij de oceaanbodem tussen zo'n 500 meter en 10 km diepte. Ze gelden als roofvissen en aaseters van kadavers van bijvoorbeeld gezonken walvissen, en staan daarmee dus hoog in de voedselketen. Maar ook waren er al plantaardige resten in de magen van rattestaartvissen gevonden, zoals de schillen van uien en sinaasappels en natuurlijk zeevoedsel zoals zeewier en zeegras.

 

Proef op de som

Onderzoekers van het NIOZ Koninklijk Nederlands Instituut voor Zeeonderzoek op Texel en van het 'Oceanlab' van de Universiteit van Aberdeen vroegen zich al lange tijd af of plantaardig voedsel dat naar de zeebodem zinkt ook rattestaartvissen goed zou smaken. Om dit te onderzoeken, voeren de onderzoekers met het NIOZ onderzoekschip 'Pelagia' naar de Galicia Bank op 125 mijl ten noordwesten van de Spaanse kust. Daar lieten ze een bodemlander naar de zeebodem op 3 km diepte zakken met daarop een maaltje spinazie als aas. Hierop was een onderwatercamera gericht die bestand was tegen de heersende druk van 300 bar (foto).

 

Heel verrassend tonen de beelden dat rattestaartvissen snel op het vegetarische aas afkomen en het maal binnen 30 uur helemaal verorberen. Dit bewijst dat ook gewone groente, zoals spinazie, een geur afscheidt die door rattestaartvissen op hoge prijs wordt gesteld, en dat een vegetarisch maal ook zeer gretig wordt verorberd. Deze waarneming vormt het eerste directe bewijs dat rattestaartvissen in feite echte alleseters zijn, wat gevolgen heeft voor hun plaats in het voedselweb van de diepe oceaan. Onderzoeker Gerard Duineveld: " Heel verrassend voor ons was vooral het feit dat ze zo fel en gretig op de spinazie aanvielen. Dat hebben we ze nooit zien doen als we aasvis gebruikten. We kunnen ze nu niet meer beschouwen als pure toppredatoren en dat is eigenlijk ook wel logisch, want de diepzee is een voedselarme omgeving waarin je je niet de luxe kunt veroorloven om selectief te zijn in je voedselkeuze. Deze vondst heeft vooral implicaties voor delen van de diepe oceaan in de buurt van kustgebieden waar wieren en zeegrassen snel de bodem van de diepzee kunnen bereiken, zoals bij continentale hellingen in de buurt van grote zeegrasvelden zoals bij de Bahamas en in de Middellandse Zee, en bij canyons van rivieren in de continentale hellingen, die kunnen fungeren als snelwegen naar de diepzee voor van het land afkomstig materiaal. Zulke canyons vinden we bijvoorbeeld langs de westkust van Portugal”.

 

Eéncellige algen

Grote delen van de Noord Atlantische Oceaan zijn echter ver van het land verwijderd en daar groeien geen grote zeewieren of zeegrassen. Wel zakken er er hier dikke samengeklonterde pakketten van gestorven ééncellige algen naar de bodem van de diepzee. De NIOZ groep onderzoekt nu of rattestaartvissen deze algencompote net zo graag lusten als onze spinazie.

 

Dit onderzoek werd verricht als onderdeel van het project BIOFUN van de Europian Science Foundation (ESF) en werd extern gefinancierd door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO).

 

 

Gecombineerde foto met de NIOZ bodemlander, foto van een rattestaartvis bij de spinazie en een foto met afgerukte stukjes spinazie op de zeebodem naast de lander.

 

Zie ook enkele filmpjes in wmv (~ 24 MB) en mov (~ 45 MB) format

 

The NIOZ video on deep sea fish eating spinach at the bottom of the Atlantic Ocean can be viewed on BBC Earth News, together with an interview given by Rachel Jeffreys.

 

 

Voor meer informatie:

- Drs. Gerard Duineveld, Tel: 0222 369 528

- Drs. Marc Lavaleye, Tel: 0222 369 520

- Dr. Jan Boon, Communicatie & PR, Tel. 0222 369 466, 06 2096 3097

 

 

nl-lgflag

8 Februari

Nederlands kustwater warmde in laatste 25 jaar snel op door meer zon en westenwind…

 

Het zeewater langs de hele Nederlandse kust is sinds 1982 veel sterker opgewarmd dan op grond van de toename van broeikasgassen in die periode kan worden verklaard. Onderzoek van het NIOZ Koninklijk Nederlands Instituut voor Zeeonderzoek op Texel toont aan dat deze versterkte opwarming kan worden verklaard door de zonnigere lentes en zomers en meer westenwind in de winter. Een directe invloed van de gestegen broeikasgas concentraties op de temperatuur blijkt hier dus niet uit, maar indirect kan dit wel een (mede-)oorzaak zijn geweest voor de waargenomen metereologische veranderingen. De resultaten worden deze week gepubliceerd in het tijdschrift 'Journal of Sea Research'.

 

De temperatuur van het zeewater in het Marsdiep, het zeegat tussen Den Helder en Texel, wordt al sinds 1860 dagelijks gemeten en is daarmee wereldwijd één van de oudste meetseries van de zeewatertemperatuur. Maar ook op andere posities langs de Nederlandse kust van Vlissingen tot Delfzijl worden dergelijke metingen al meer dan een halve eeuw uitgevoerd. Gedurende die 50 jaar laten alle stations eenzelfde trend zien als het Marsdiep (zie figuur). Deze nu 150 jaar oude meetserie lijkt dus representatief te zijn voor de ontwikkelingen langs de gehele Nederlandse kust. De watertemperaturen vertonen grote variaties van jaar tot jaar, met daaroverheen een gestage toename van 1,5°C voor de periode 1982-2004. Dat is maar liefst driemaal zoveel als kan worden verklaard door de toename van de concentratie van kooldioxide en andere broeikasgassen in de atmosfeer over dezelfde periode. Er moet dus meer aan de hand zijn geweest.

 

 

10-jaars gemiddelde temperaturen op verschillende locaties langs de Nederlandse kust.

 

NIOZ onderzoeker Dr. Hendrik van Aken onderzocht de mogelijke oorzaken voor dit fenomeen. Statistische berekeningen toonden aan dat voor de wintertemperatuur langs onze kust de windrichting de belangrijkste sturende factor is. Voor de temperatuurontwikkeling in de lente en de zomer is dit het aantal uren zon. van Aken: "Een mooi voorbeeld is het koude jaar 1996: toen voerden in de winter overheersende oostenwinden erg koude continentale lucht uit Rusland aan In 1999 was in de winter de westenwind juist sterker dan normaal, waardoor er relatief warme lucht vanaf de Atlantische Oceaan naar ons land werd aangevoerd. 1999 werd trouwens in z'n geheel een bijzonder warm jaar, doordat een zonnig voorjaar ook nog eens zorgde voor een snelle opwarming daarna".

Dezelfde meteorologische factoren die de afzonderlijke warme en koude jaren in het kustwater verklaren, blijken nu ook een goede verklaring te zijn voor de geleidelijke stijging van de temperatuur van het Nederlandse kustwater over meerdere jaren sinds 1982. De extreem warme jaren in het eerste decennium van de 21-ste eeuw kunnen dus voor een belangrijk gedeelte worden verklaard uit een toename van de westenwinden in de winter en zonnigere lentes en zomers. Het opnemen van de concentraties aan broeikasgassen als extra factor in de berekeningen is dus niet noodzakelijk gebleken. Omgekeerd kan het niet worden uitgesloten dat deze broeikasgasconcentraties wél een rol hebben gespeeld als oorzaak voor de waargenomen veranderingen in windrichting en zonne-uren langs onze kust.

Op lokaal en regionaal niveau spelen naast de concentraties van broeikasgassen dus ook andere factoren mee in de verandering van het klimaat. Deze regionale verschillen worden in de meeste klimaatmodellen echter nog niet meegenomen.

 

Bibliografie artikel:

van Aken, H.M. Meteorological forcing of long-term temperature variations of the Dutch coastal waters. Journal of Sea Research, doi:10.1016/j.seares.2009.11.005.  (Download artikel als PDF-file)

 

Voor meer informatie:

Dr. Hendrik van Aken, Physical Oceanography, Tel: 0222 369 416

Dr. Jan Boon, Communicatie & PR, Tel. 0222 369 466, 06 2096 3097